» Algemeen Bestuur Holland Rijnland
» Dagelijks Bestuur Holland Rijnland
» Tweede Kamer: meer geld voor RijnlandRoute
» Brief Holland Rijnland aan provincie: “RijnlandRoute én RijnGouwelijn-West nu oplossen en doorpakken”
» Voorschoten, Wassenaar en Leidschendam-Voorburg: “Duurzame inpassing RijnlandRoute”
» Regiotaxi uitgebreid naar twaalf Holland Rijnland-gemeenten
» Startnotitie voor inpassing RijnGouwelijn in Leiden
» Korte impressie bestuurlijke discussiebijeenkomst Gebiedsagenda Zuidvleugel
» Subsidiebeschikking Oude Rijnzone verstuurd
» Eén miljoen compensatie voor bollengrond Keukenhof
» Bouw station Sassenheim van start
» Hillegom aan provincie: “Bouwen op voormalige bedrijventerreinen”
» Spoorboekloos reizen haalbaar voor 2020
» Aanmelden nieuwsbrief
» Afmelden nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Aflevering 152 [ 06 juli 2010 ]

Algemeen Bestuur Holland Rijnland

--- Kort verslag vergadering 30 juni 2010 ---

Het Algemeen Bestuur van Holland Rijnland vergaderde op woensdag 30 juni in de raadszaal van het stadhuis in Alphen aan den Rijn. De volgende onderwerpen zijn besproken:

  • RijnlandRoute. Aan het begin van de vergadering heeft Holland Rijnland-voorzitter Henri Lenferink namens het Dagelijks Bestuur mondeling verantwoording afgelegd over de acties die zijn ondernomen voor de financiering van de RijnlandRoute en de RijnGouwelijn. Zo heeft het Dagelijks Bestuur een brief gestuurd aan Gedeputeerde Staten van de provincie met een voorstel om het gat in de begroting van de nieuwe wegverbinding te dichten. Lenferink heeft toegezegd dat er na het zomerreces een informatiebijeenkomst wordt gehouden voor raden en colleges van de Holland Rijnland-gemeenten. Daarnaast krijgt het Algemeen Bestuur uiterlijk in het vierde kwartaal van 2010 voorstellen ter besluitvorming voorgelegd over de varianten en verdere financiering van de RijnlandRoute.

    Klik hier voor de brief van het Dagelijks Bestuur.
    Zie ook het bericht verderop in deze nieuwsbrief. 
  • Het Algemeen Bestuur heeft de jaarrekening en het jaarverslag van Holland Rijnland over 2009 vastgesteld.
  • Het Algemeen Bestuur heeft de managementrapportage per 1 april 2010 vastgesteld.
  • Begroting 2011. Het Algemeen Bestuur heeft de begroting van Holland Rijnland voor 2011 goedgekeurd. Hierbij heeft het Dagelijks Bestuur ingestemd met een taakstelling van 5 procent op de inwonerbijdrage. Daarnaast heeft het Algemeen Bestuur bepaald dat prijsstijgingen moeten worden opgevangen binnen de begroting.
  • Boeien en Binden. Het Algemeen Bestuur heeft een aantal aanbevelingen van de werkgroep Boeien en Binden overgenomen voor het vergroten van de betrokkenheid van raden en colleges bij het samenwerkingsorgaan.
    • Het Dagelijks Bestuur krijgt de opdracht een aantal aanbevelingen te blijven uitvoeren. Hierbij gaat het onder andere om het plaatsen van informatie op de website, de digitale nieuwsbrief, “speeddaten” als middel voor kennismaking en het organiseren van regionale cursussen.
    • Daarnaast heeft het Algemeen Bestuur het Dagelijks Bestuur opgedragen de mogelijkheden te onderzoeken om met zeer beperkte middelen de democratische actieradius van raadsleden en bestuurders te vergroten met nieuwe technologische en innovatieve mogelijkheden als e-participatie, sociale media, online raadscommunity en Holland Rijnland 2.0.
    • Het Algemeen Bestuur heeft besloten het idee van een bijzondere procedure voor lokale pijnpunten in het besluitvormingstraject, zoals een exoneratieprocedure, niet over te nemen. Voorschoten heeft een amendement ingediend met het verzoek hier alsnog onderzoek naar te doen, maar dit is niet in stemming gebracht. Het Dagelijks Bestuur heeft toegezegd om hier in het portefeuillehoudersoverleg op terug te komen. Hierbij wordt de indieners, en ook Noordwijk, nadrukkelijk gevraagd met suggesties te komen voor de praktische aanpak van deze kwestie.
    • Het Algemeen Bestuur heeft besloten in de vergadering van 27 oktober een discussie te houden over de samenstelling van het bestuur. De gemeenteraden hebben hiervoor onlangs een uitnodiging en een discussienota ontvangen.
    • ot slot heeft het Algemeen Bestuur besloten de raden te vragen enkele aanbevelingen over te nemen en uit te werken. Hierbij gaat het onder meer over het structureren van interne werkprocessen, het instellen van een regiocoördinator of regiocommissie, het bevorderen van overleg tussen regiocommissies en politieke fracties uit verschillende gemeenten en het streven naar regioprogramma’s van fracties uit dezelfde politieke stroming.
  • Het Algemeen Bestuur heeft besloten de organisatie “Veelzijdig Boerenland” opdracht te geven een professioneel regionaal samenwerkingsverband van agrarische natuur- en landschapsverenigingen in Holland Rijnland op te richten en hiervoor eenmalig een bijdrage van 20.000 euro uit te trekken.
  • Het Algemeen Bestuur heeft twee wijzigingen vastgesteld van de Huisvestingsverordening Holland Rijnland 2009. De ene heeft betrekking op de toewijzing van woonwagenstandplaatsen, de ander op het toekennen van woonwaarde aan woonruimten zonder vastgestelde woz-waarde.
  • Tot slot heeft het Algemeen Bestuur ingestemd met de aanpassing van de Gemeenschappelijke Regeling Holland Rijnland vanwege de invoering van een systeem van collectief vraagafhankelijk vervoer (“Regiotaxi”) in twaalf van de vijftien Holland Rijnland-gemeenten.

De volgende vergadering is op 27 oktober 2010.

Dagelijks Bestuur Holland Rijnland

--- Kort verslag vergadering 1 juli 2010 ---

De laatste vergadering van het Dagelijks Bestuur van Holland Rijnland voor het zomerreces is schriftelijk afgedaan. Het Dagelijks Bestuur heeft hierbij ingestemd met alle voorstellen.

  • Het Dagelijks Bestuur heeft – onder voorbehoud van goedkeuring van het Portefeuillehoudersoverleg Verkeer en Vervoer - ingestemd met het opstellen van één uitvoeringsprogramma van het Regionaal Verkeer- en Vervoerplan voor de hele regio. Daarnaast heeft het Dagelijks Bestuur kennis genomen van het plan van de provincie om voortaan één uitkering te geven in het kader van de Brede Doeluitkering (BDU) voor verkeersveiligheid in de regio.
  • Het Dagelijks Bestuur heeft ingestemd met de aanstelling van twee leerkrachten verkeer, die in het kader van het Meerjarenplan Verkeersveiligheid 2010-2011 verkeerslessen verzorgen op basisscholen.
  • Het Dagelijks Bestuur heeft het voorstel voor de vaststelling van de uitkering Besluit Locatiegebonden Subsidies (BLS) in de periode 2005-2009 en de besteding van de knelpuntenpot vastgesteld.
  • Het Dagelijks Bestuur heeft ingestemd met het rapport over de regelscenario’s voor het Dynamisch Verkeersmanagement (DVM) Holland Rijnland en Haaglanden, en legt dit nu voor aan het Portefeuillehoudersoverleg Verkeer en Vervoer.
  • Het Dagelijks Bestuur heeft een addendum voor de ‘Raamovereenkomst educatie Holland Rijnland en ROC Leiden 2007-2010’ vastgesteld, waardoor in 2010 ook de gemeenten uit de Rijnstreek in deze overeenkomst worden opgenomen.
  • Het Dagelijks Bestuur heeft ingestemd met de conceptagenda’s voor de portefeuillehoudersoverleggen van Holland Rijnland in september. De agenda’s worden in de loop van deze week op www.hollandrijnland.net geplaatst.
  • Het Dagelijks Bestuur heeft de conceptagenda voor de vergadering van het Algemeen Bestuur op 27 oktober 2010 vastgesteld.

De eerstvolgende vergadering van het Dagelijks Bestuur na het zomerreces is op 19 augustus 2010.

Tweede Kamer: meer geld voor RijnlandRoute

De Tweede Kamer wil dat minister Camiel Eurlings meer geld uittrekt voor de aanleg van de RijnlandRoute. Een meerderheid van de Kamerleden heeft bij de behandeling van de RijnlandRoute in het kader van het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT) op 29 juni ingestemd met twee moties waarin wordt aangedrongen op extra geld. De Kamer steunde een motie van de SGP waarin wordt gevraagd de helft van het geld voor de aanpassing van de A4 af te trekken van het budget van de RijnlandRoute, waardoor het tekort voor deze wegverbinding met ongeveer 32 miljoen euro daalt. Daarnaast heeft de Kamer een motie aangenomen van de VVD waarin de minister wordt gevraagd de nieuwe wegverbinding in één keer en met twee keer twee rijstroken aan te leggen en hierover nader overleg te voeren met de regio. De minister heeft nog niet geantwoord op de moties.

Op 30 juni besprak het Algemeen Bestuur van Holland Rijnland de brief die het Dagelijks Bestuur heeft verstuurd aan Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland (zie ook het bericht verderop in deze nieuwsbrief). In deze brief doet het Dagelijks Bestuur onder andere het voorstel een deel van het geld voor de RijnGouwelijn-West te gebruiken voor de RijnlandRoute. In de praktijk betekent dit, dat de sneltramverbinding wordt aangelegd tot aan Katwijk, met aanvullend een goede, congestievrije busverbinding tussen Noordwijk en Leiden en dat het resterende deel naar Noordwijk wordt gebouwd als daar extra geld voor is. Tijdens de vergadering van het Algemeen Bestuur is ook gesproken over het voorstel om de regiogemeenten nog eens 37,5 miljoen euro te laten bijdragen aan de RijnlandRoute. De gemeenten hebben om bedenktijd gevraagd over de diverse voorstellen voor de financiering van de RijnlandRoute. Voorzitter Henri Lenferink zei tijdens de vergadering dat aan het Algemeen Bestuur in oktober een voorstel wordt voorgelegd over de varianten en extra kosten voor de RijnlandRoute. De voorzitter zegde toe dat er vóór die vergadering, waarschijnlijk in augustus, extra informatiebijeenkomsten worden gehouden voor de raden en colleges van de Holland Rijnland-gemeenten.

De provinciale commissie Mobiliteit, Kennis en Economie (MKE) vergaderde op 2 juli over de financiering van de RijnlandRoute. Tijdens deze vergadering bleek dat de variant F voor een gefaseerde aanleg van de RijnlandRoute op weinig steun van de Statenleden kan rekenen. De diverse fracties hebben erop aangedrongen de milieu-effectrapportage voor de oorspronkelijke alternatieven voort te zetten en variant F daaraan toe te voegen.
Gedeputeerde Van Dijk vroeg de Statenleden steun bij het oplossen van de financiële problemen rond het project. Er zit nog een gat in de begroting van de RijnlandRoute. Daarnaast zijn ook de projectvoorbereidingskosten en eventuele kostenoverschrijdingen (tot circa 30 procent) niet meegenomen. De Statenleden hebben hierover op 2 juli nog geen verdere uitspraken gedaan. De gesprekken over de financiering van de RijnlandRoute worden na het zomerreces voortgezet.

Brief Holland Rijnland aan provincie: “RijnlandRoute én RijnGouwelijn-West nu oplossen en doorpakken”

“Als we niet oppassen zijn we het geld kwijt en staat alles stil,” zegt Henri Lenferink, voorzitter van Holland Rijnland, als reactie op de discussies over de RijnlandRoute in de Tweede Kamer en bij de Provincie. “Gedeputeerde Van Dijk gaf daarbij aan niet meer te weten waar het geld vandaan moet komen om de risico’s van de RijnlandRoute te dekken. Ook hebben ze de kosten voor het projectmanagement niet gedekt. Dat laatste is hun eigen probleem, dat moeten ze zelf oplossen. Daarvoor krijgen ze een Brede Doeluitkering en heffen ze provinciale opcenten. Maar voor de risico’s kunnen we onze ogen niet sluiten. Holland Rijnland heeft een voorstel gedaan om daarmee om te gaan,” aldus Lenferink, die hierover een brief schreef aan de Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland.

RijnlandRoute én RijnGouwelijn gefaseerd
Het voorstel van het Dagelijks Bestuur van Holland Rijnland houdt allereerst in dat er in elk geval geld komt om de basisvariant van de Rijnlandroute voor 650 miljoen euro aan te leggen. Hierbij krijgt de RijnlandRoute in eerste instantie één rijstrook per richting, met uitzondering van de Tjalmaweg, waar er twee rijstroken per richting komen. Er is nu nog 83 miljoen tekort voor deze variant. Het voorstel van de provincie en de minister is om dat uit innovatie van de markt te halen. Lenferink: “Maar dan zijn de risico’s niet afgedekt en wordt het voorstel voor inpassing misschien slechter dan nu voorligt. Daarom stelt het Dagelijks Bestuur van Holland Rijnland voor het deel Katwijk-Noordwijk van de RijnGouwelijn-West niet als lightrail uit te voeren en nu nog niet aan te leggen. Wanneer zowel de RijnlandRoute als de RijnGouwelijn-West slimmer worden gepland, is het financiële tekort van 83 miljoen euro nagenoeg opgelost.”

“Als je gaat faseren is het logisch om naar het hele pakket te kijken. Van de ongeveer 1 miljard die nodig is voor de infrastructuur hebben we nu 80 procent beschikbaar. Wij kijken wat daarvoor kan, in plaats van wat er niet kan. Wel ben ik van mening dat we de projecten moeten afmaken zodra de gelegenheid zich voordoet,” zegt Lenferink.
“Als er geld voor is wil ik dan ook zorgen dat de A4-aansluiting bij Zoeterwoude onderlangs gaat, hetzelfde voor de knoop bij Maaldrift en natuurlijk moet de weg, zodra het kan, bij Stevenshof verdiept worden. Bij Voorschoten is het voorstel om de weg in eerste instantie helemaal in een tunnelbak te leggen, als er genoeg geld is moet daar natuurlijk een dak op. Maar laten we in ieder geval beginnen.”

Niets doen is geen optie
“Het is 5 voor 12. We weten nu dat het volledige bedrag er voorlopig niet komt. Dat betekent dat we nu drie keuzes hebben. Niets doen is geen optie, want dan is het toegezegde geld weg. Dan moeten we over vijf of tien jaar, als het water echt aan onze lippen staat, alsnog akkoord gaan met een weg op maaiveld door Voorschoten. En daar wordt niemand gelukkig van!” legt Lenferink uit. “Voor de RijnlandRoute zijn er dan nog twee keuzes: variant A, die geen oplossing biedt voor de oost-westverbinding en variant F.”

Prijsvraag
Het tweede onderdeel uit het voorstel is om een prijsvraag uit te schrijven om de infrastructuur te realiseren. In het buitenland is dat geen ongebruikelijke constructie en ook in Nederland is het eerder toegepast, bijvoorbeeld bij de A2 door Maastricht. De aanbieder die de meeste kwaliteit biedt binnen de financiële randvoorwaarden, krijgt de opdracht.
“Het is zeer waarschijnlijk dat de markt betere oplossingen bedenkt dan wij nu voor ogen hebben. Misschien kunnen ze veel van de inpassingsknelpunten op een innovatieve manier oplossen. En als de aanbiedingen helemaal niet bevallen, dan kan je altijd nog nee zeggen,” aldus Lenferink.

Bereikbaarheid regio noodzakelijk
Voor de inwoners en bedrijven van Holland Rijnland is het van groot belang dat er woningbouw wordt gerealiseerd en de ontwikkeling van de regionale economie wordt gestimuleerd. Hiervoor moet de bereikbaarheid van de regio flink verbeteren, anders mogen deze plannen niet worden uitgevoerd. De plannen voor wonen, economie en bereikbaarheid worden samen met de minister van Verkeer en Waterstaat en de provincie Zuid-Holland in samenhang bekeken in de zogeheten Integrale Benadering Holland Rijnland (IBHR).
De minister van Verkeer en Waterstaat en gedeputeerde Van Dijk hebben verschillende keren onderhandeld over het geld voor de plannen voor de regio. Mede door de inzet van gedeputeerde Van Dijk zijn er voldoende middelen met de plannen te starten, maar helaas is er nog niet voldoende om het eindbeeld in zijn geheel te realiseren.

Proces
De komende maanden moet blijken of een realistisch voorstel voor de basisvariant gedaan kan worden waar rijk, provincie en Holland Rijnland zich in kunnen vinden. “En dan kunnen we kijken of er voldoende draagvlak voor onze aanpak is in de regio. Wij vinden als Dagelijks Bestuur in ieder geval dat het geld niet weg moet zijn voordat de gemeenten zich hierover hebben uitgesproken en dat is de reden van de brief die wij hebben verstuurd,” zo redeneert Lenferink.
Het Dagelijks Bestuur van de regio heeft het volste vertrouwen in de inzet van de provincie Zuid-Holland om ervoor te zorgen dat dit jaar spijkers met koppen geslagen worden.

De brief van het Dagelijks Bestuur is te lezen op www.hollandrijnland.net via deze link.

Voorschoten, Wassenaar en Leidschendam-Voorburg: “Duurzame inpassing RijnlandRoute”

Bij de aanleg van de RijnlandRoute moet worden gekozen voor een duurzame inpassing die ook de bestaande kwaliteit van de woon- en leefomgeving en natuur en landschap in de regio ten goede komt. Dat schrijven de gemeenten Voorschoten, Wassenaar en Leidschendam-Voorburg in een gezamenlijke brief die zijn eind juni hebben verstuurd aan Gedeputeerde Staten van de provincie.
Bij de aanleg van de RijnlandRoute moeten gemeenten, regio en provincie zich houden aan de eerder gemaakte afspraken en uitgangspunten, zoals de aanleg van een ecoduct bij Maaldrift, verdiepte ligging bij Stevenshof, een tunnel bij Voorschoten, geen doorsnijding van de Oostvlietpolder en geen verstoring van landgoed Berbice.

De drie gemeenten stellen dat als eerste stap naar het oplossen van de verkeersproblemen in de regio enkele ‘no regret’-maatregelen moeten worden genomen. Hierbij gaat het onder meer om de aanpak van de knelpunten bij de Lammebrug/Lammenschansplein en de knoop Leiden-West en het verdubbelen van de Tjalmaweg. Na deze maatregelen is het volgens de gemeenten alsnog mogelijk te kiezen voor het tunneltracé door Voorschoten of het door de gemeenten voorgestelde Churchill Avenue-alternatief, waarbij de RijnlandRoute grotendeels door een tunnel onder de Churchilllaan en Plesmanlaan wordt gevoerd.
De gemeenten stellen dat de in het MIRT besproken “variant F” niet voldoet aan de kwaliteitscriteria voor de RijnlandRoute omdat deze teveel schade toebrengt aan de woon- en leefomgeving. Bovendien is er onvoldoende geld voor variant F. Als eerst de huidige knelpunten worden opgelost, kan in de tussentijd worden gewerkt aan het Churchill Avenue-concept, aldus de drie gemeenten.
(bron: persbericht gemeente Voorschoten).

De volledige brief is te lezen op www.voorschoten.nl via deze link.

Meer informatie over de Churchill Avenue op www.churchillavenue.nl

Regiotaxi uitgebreid naar twaalf Holland Rijnland-gemeenten

De Regiotaxi wordt uitgebreid naar twaalf Holland Rijnland-gemeenten. Dat heeft het Algemeen Bestuur van Holland Rijnland besloten in haar vergadering op 30 juni. De Regiotaxi is een vorm van openbaar vervoer waarbij met de taxi of taxibusje wordt gereisd, ook wel collectief vraagafhankelijk vervoer (cvv) genoemd. Eerder waren er binnen de regio nog verschillende systemen met verschillende namen en regelingen. Voor de inwoners van de twaalf Holland Rijnland-gemeenten betekent de uitgebreide Regiotaxi onder andere dat de tarieven eenduidiger worden voor ov-reizigers en voor reizigers met een Wmo-indicatie. Voor inwoners van de Duin- en Bollenstreek betekent het ook een flinke uitbreiding van de reismogelijkheden. “Ik vind de Regiotaxi belangrijk omdat die een verfijning aanbrengt in het bestaande systeem van openbaar vervoer,” aldus portefeuillehouder Leendert de Lange.

Regiotaxi
De Regiotaxi is een voor iedereen toegankelijk vervoermiddel van deur-tot-deur, dat een aanvulling is op de gewone bus, die volgens een vaste dienstregeling rijdt, en een taxi.
De Regiotaxi werkt volgens het principe van een deeltaxi.
De Regiotaxi rijdt in de meeste gevallen van deur tot deur, waarbij belangrijke plekken als een station, winkelcentrum of ziekenhuis vanzelfsprekend ook als ‘deur’ gelden.
Alle inwoners van Holland Rijnland kunnen met de Regiotaxi reizen, met uitzondering van de inwoners van Alphen aan den Rijn, Nieuwkoop en Rijnwoude. Zij reizen met hun eigen systeem; de Rijnstreekhopper.

Bestek en aanbesteding
Het Algemeen Bestuur van Holland Rijnland heeft in oktober 2009 al besloten dat het Regiotaxi-systeem wordt aangepast en eenduidig gemaakt. Nu heeft het Algemeen Bestuur het zogeheten bestek vastgesteld waarna de uitvoering van dit nieuwe systeem Europees kan worden aanbesteed.
In het bestek wordt gesteld dat de vervoerder van de Regiotaxi aan een aantal voorwaarden moet voldoen, zoals: een goede kwaliteit van het vervoer, de chauffeurs en het materieel. Ook is het belangrijk dat het vervoer op tijd rijdt, ritten kunnen worden gereserveerd op vertrek- of aankomsttijd. Verder wordt in het bestek ruimschoots aandacht besteed aan de zorgvuldige afhandeling van klachten. De afhandeling daarvan wordt in principe door de vervoerder gedaan. Er zijn voorwaarden voor de vervoerder opgesteld en opgenomen in een klachtenprotocol. Wanneer klachten niet naar wens van de klant worden afgehandeld kan de klant bezwaar aantekenen bij de landelijke commissie taxivervoer.
Als de aanbesteding is afgerond wordt bekend gemaakt welke vervoerder de Regiotaxi gaat verzorgen. Volgens de planning kan vanaf 1 januari 2011 gebruik worden gemaakt van de één regionale Regiotaxi.

Ritprijs
Voor de berekening van een ritprijs wordt het zonesysteem gehanteerd zoals ook voor het openbaar vervoer wordt gebruikt. Vanaf het vertrekadres kan vijf zones worden gereisd tegen het zonetarief. Er wordt een bedrag per zone berekend en een opstapzone. Wanneer een langere rit wordt gemaakt wordt na de vijfde zone een kilometerprijs berekend.

Startnotitie voor inpassing RijnGouwelijn in Leiden

  • Provinciale Staten van Zuid-Holland hebben 30 juni ingestemd met het opstellen van een startnotitie voor de inpassing van de RijnGouwelijn in de Leidse binnenstad. De inpassing is volgens de provincie nodig als Leiden besluit niet mee te werken aan de aanleg van de sneltram door het stadscentrum.
  • Provinciale Staten hebben 30 juni ook ingestemd met een subsidie van ruim 3,5 miljoen voor de aanleg van een ontsluitingsweg naar het nieuwe station Sassenheim aan de Schiphollijn. Zie ook het bericht over het station verderop in deze nieuwsbrief.
  • Tot slot hebben Provinciale Staten hun goedkeuring gegeven aan een subsidie van 10 miljoen euro voor de verbetering van de ontsluiting van het Bio Science Park Leiden. Aan deze subsidie is onder andere de voorwaarde verbonden dat Leiden conform de eerder gesloten bestuursovereenkomsten meewerkt aan de aanleg van de RijnGouwelijn.

Korte impressie bestuurlijke discussiebijeenkomst Gebiedsagenda Zuidvleugel

Wat zijn de belangrijkste projecten, programma’s en gebiedsopgaven voor de Zuidvleugel? Over die vraag discussieerden op woensdag 1 juli enkele Zuid-Hollandse bestuurders in het gebouw de Glazen Zaal in Den Haag. Namens Holland Rijnland namen portefeuillehouder Ruimte Jos Wienen en portefeuillehouder Groen Wim de Gelder aan de discussies deel.
De bijeenkomst leverde prikkelende discussies op. Geconcludeerd werd dat het verbeteren van de bereikbaarheid (met name openbaar vervoer in de vorm van het Zuidvleugelnet), investeren en kennis en leefomgeving/landschap de drie belangrijkste speerpunten zijn. Vervolgens werd ingezoomd op een aantal gebiedsopgaven, -projecten en -programma’s. De ambtelijke werkgroep van de Zuidvleugel kreeg als huiswerk mee om goed te kijken wat de globale kosten en fasering van deze opgaven zijn, welke opgaven de regio’s en gemeenten zelf ter hand kunnen nemen en waar steun van het rijk nodig is. Hierbij is het ook van belang te weten hoe het rijk prioriteiten stelt en voor welke projecten het (schaarse) rijksbudget vooral wordt ingezet.
De discussies over de Zuidvleugel zijn onderdeel van het Bestuurlijk Overleg Meerjarenplanning Infrastructuur, Ruimte en Transport (BO MIRT), dat twee keer per jaar wordt gehouden. Tijdens dit overleg wordt gesproken over belangrijke projecten in den lande en de financiering daarvan. Per gebiedsdeel zijn zogenoemde gebiedsagenda’s opgesteld, die tijdens het BO-MIRT worden besproken. Voor de Zuidvleugel zijn voor de gebiedsagenda een visie, ambities en doelen opgesteld, deel A genoemd. De afgelopen maanden is er hard gewerkt aan deel B, dat over de prioritering gaat.

Subsidiebeschikking Oude Rijnzone verstuurd

Minister Tineke Huizinga van VROM heeft de provincie Zuid-Holland eind juni de beschikking verstuurd voor een subsidie van 30 miljoen euro voor drie projecten in de Oude Rijnzone. Hierbij gaat het om:

  • De herstructurering van de bedrijventerreinen Lage Zijde in Leiderdorp, Hoge Waard in Rijnwoude en Rijnhaven in Alphen aan den Rijn.
  • De bouw van de Maximabrug over de Oude Rijn tussen Rijnwoude en Alphen aan den Rijn.
  • De groene inpassing van nieuwe woon-werklocaties in Rijnwoude en Bodegraven.

Aan de beschikking is de voorwaarde verbonden dat de gemeenten Leiden, Leiderdorp, Zoeterwoude, Rijnwoude, Alphen aan den Rijn, Bodegraven en de provincie Zuid-Holland een gemeenschappelijke regeling instellen “met de bevoegdheid tot niet-vrijblijvende sturing op het project.” Het subsidiebedrag wordt niet geïndexeerd voor kostenstijgingen of inflatie en mag bovendien niet worden besteed aan apparaatskosten van de betrokken overheden. De verantwoordelijkheid voor het oplossen van financiële tegenvallers ligt tot slot bij de ontvanger van de subsidie.

De Oude Rijnzone is het integrale plan voor de (her-)ontwikkeling van het gebied rond de Oude Rijn tussen Leiden en Bodegraven. Onderdelen van dit plan zijn onder andere de herstructurering van bestaande bedrijventerreinen, verbetering van de infrastructuur, de bouw van nieuwe woningen en versterking van het landschap van het Groene Hart. Het project Oude Rijnzone heeft de status Randstad Urgent.

Meer informatie op de website van het project, www.ouderijnzone.nl, en op de website van het ministerie van Verkeer en Waterstaat.

Eén miljoen compensatie voor bollengrond Keukenhof

De Keukenhof stort 1 miljoen euro in het compensatiefonds van de Greenport Ontwikkelingsmaatschappij (GOM) ter compensatie van 10 hectare bollengrond die verloren gaat bij de verplaatsing van het westelijke parkeerterrein. Provinciale Staten hebben in februari van dit jaar ingestemd met de gebiedsvisie Keukenhof. Hierbij hebben Provinciale Staten aan Gedeputeerde Staten opgedragen om met de GOM, Keukenhof en de gemeente Lisse de mogelijkheden voor compensatie van bollengrond te onderzoeken.

Op 8 juni 2010 zijn de alternatieven besproken. Gelet op de onderzochte alternatieven en het beschikbare budget is gebleken dat de bollengrond niet volledig gecompenseerd kan worden. Vanwege het urgente en grote belang van voldoende parkeergelegenheid bij de Keukenhof kunnen de partijen instemmen met een financiële compensatie van 1 miljoen euro. Dit bedrag wordt gestort in het compensatiefonds van de GOM. In het kader van de herstructureringsopgave Greenport Duin- en Bollenstreek wordt de besteding ervan overgelaten aan de regio.
(bron: persbericht provincie Zuid-Holland).

Bouw station Sassenheim van start

Met de overhandiging van de bouwvergunning door wethouder Van der Zon van Teylingen aan bouwmanager Verkuil van ProRail is op vrijdag 25 juni een officiële start gemaakt met de bouw van het nieuwe station Sassenheim. Volgens berekeningen van NS maken na de opening circa 2.000 treinreizigers gebruik van dit station aan de lijn Leiden–Schiphol–Amsterdam.

Teylingen wil het station in de zomer van 2011 openen. Een exacte planning is nog niet bekend, omdat onder andere het weer en de grondgesteldheid hierin een grote rol spelen. De voorbereidende werkzaamheden zijn gestart. In juli wordt een bouwweg aangelegd en worden grondwerkzaamheden uitgevoerd. Tussen augustus en december bouwt ProRail de perrons. Daarna worden het parkeerterrein en de ontsluitingswegen aangelegd.

Knooppunt
Het station Sassenheim krijgt de functie van een openbaar vervoerknooppunt, waar naast treinen ook diverse buslijnen stoppen. Hiervoor worden vier halteplaatsen aangelegd. Daarnaast komen er een ‘kiss & ride’-strook, 250 parkeerplaatsen voor auto’s (met uitbreidingsmogelijkheid tot 300) en 630 fietsstallingsplekken, waarvan 90 in kluizen.

Nieuwe ontsluitingsweg
Het nieuwe treinstation ligt tussen de Wasbeeklaan en de Zandsloot, op de grens van Warmond en Sassenheim. Vanaf het Oosteinde/de Warmonderweg, tussen de A44 en het spoor, wordt een nieuwe ontsluitingsweg aangelegd. Auto’s kunnen alleen via deze nieuwe weg naar het station rijden. Het viaduct onder de A44 wordt verdiept, zodat bussen hier onderdoor kunnen rijden. Na opening van het station wordt de onderdoorgang alleen toegankelijk voor fietsers en bussen. De Wasbeekerlaan en Kwekersweg worden hierdoor minder belast door autoverkeer van en naar het station.

Betere en veiligere fietsverbindingen
Het aanpassen van de fietsoversteek Wasbeeklaan/Oosteinde en het aanbrengen van de verlichting langs het A44-fietspad maken ook deel uit van de plannen, evenals de herinrichting van de Wasbeekerlaan, met vrijliggende fietspaden. Na de zomer legt de gemeente het voorlopige ontwerp aan de direct belanghebbenden voor.
Een nieuwe fietsverbinding onder de A44, langs de Zandsloot, tussen de Wasbeek en het station is een realistische optie geworden. Hierdoor kan het fietsverkeer uit Sassenheim het station gemakkelijk bereiken.

Meer informatie en vragen
Tijdens de bouw van het station houdt de gemeente belangstellenden op de hoogte van het project door het versturen van digitale nieuwsbrieven. Aanmelden kan via stationsassenheim@teylingen.nl. Dit e-mailadres is ook te gebruiken voor het stellen van vragen. De actuele stand van zaken is ook te vinden op www.teylingen.nl, rubriek plannen en projecten.
(bron: persbericht gemeente Teylingen)

Dit project maakt deel uit van het Zuidvleugelprogramma Stedenbaan.
Meer informatie op www.stedenbaan.nl

Hillegom aan provincie: “Bouwen op voormalige bedrijventerreinen”

De gemeenteraad van Hillegom heeft op 30 juni unaniem een motie aangenomen met het dringende verzoek aan Provinciale Staten het verbod voor de bouw van woningen op de bedrijventerreinen Berbée, Ringvaart en Hillegom-Noord op te heffen. De motie stelt dat bebouwing van deze terreinen al is opgenomen in de lokale, intergemeentelijke (Hillegom, Lisse en Noordwijkerhout) en regionale structuurvisie.
De provincie ziet liever dat er 1500 woningen worden gebouwd in het gebied rond het NS-station van Hillegom, dat de status van Stedenbaan-station heeft gekregen.
De Hillegomse raad heeft de motie op 30 juni aangenomen, zodat deze nog kon worden behandeld bij de vaststelling van de Provinciale Structuurvisie op 30 juni en 2 juli.
(bron: persbericht gemeente Hillegom).

Spoorboekloos reizen haalbaar voor 2020

Door meer woningen, kantoren en voorzieningen te concentreren rondom de stations, deze beter bereikbaar te maken en door de stationsomgeving op te knappen, kunnen er mogelijk al voor 2020 zes Intercity’s en zes Sprinters per uur gaan rijden. Dat betekent elke tien minuten ten minste één trein tussen Leiden en Dordrecht. Dit blijkt uit de derde Stedenbaanmonitor, die gedeputeerde G. Veldhuijzen, vicevoorzitter van de Bestuurlijke Commissie Stedenbaan, heeft aangeboden aan C.B.F. Kuijpers, directeur-generaal Ruimte van het ministerie van VROM.

De Stedenbaanmonitor geeft een beeld van de ruimtelijke ontwikkelingen rondom de stations, de ontwikkeling van het aantal reizigers per station en het niveau van de ketenmobiliteit naar de stations in de afgelopen jaren. Ook kijkt de monitor vooruit naar de te verwachten ruimtelijke ontwikkelingen en mogelijke reizigersgroei voor de komende jaren. Het beeld dat hier uitkomt, is ondanks de crisis, positief. Het afgelopen jaar is de kans toegenomen op frequentieverhoging van vier naar zes Sprinters op de lijn Leiden–Den Haag–Rotterdam–Dordrecht.

Voldoende bouwplannen
Voorzitter A.A.M. Brok van de Bestuurlijke Commissie Stedenbaan en burgemeester van Dordrecht: “De Stedenbaanmonitor 2010 laat zien dat we de doelen van Stedenbaan, een beter openbaar vervoer en aantrekkelijkere en compactere steden, het afgelopen jaar dichterbij hebben gebracht. Dat vind ik een mooi resultaat. De bouwcrisis zorgt niet onverwacht voor terugval in bouwprogramma’s. Tegelijkertijd kunnen we constateren dat de gemeenten nog steeds voldoende bouwplannen hebben liggen om de Stedenbaanafspraken voor 2020 te realiseren. Maar we zijn er nog niet! Vanwege de bouwcrisis zullen gemeenten en regio’s prioriteiten in de bouwplannen stellen. Deze moeten we goed onderling afstemmen om te zorgen dat we tempo houden in de realisatie van de Stedenbaan. Ook moet er meer gezamenlijke inzet komen voor de verbetering van de kwaliteit van de stationsomgevingen bij alle partners bij de overheden en NS en ProRail. Van het nieuwe Kabinet hoop ik ook op actieve inzet voor Stedenbaan omdat het programma belangrijk is voor de bereikbaarheid en de ruimtelijke kwaliteit van de Randstad. Het gaat mij dan vooral om het snel beschikbaar komen van voldoende spoorcapaciteit en ondersteuning bij de realisering van de ingewikkelde en dure binnenstedelijke bouwlocaties.”

Elke 10 minuten een trein
In het programma Stedenbaan werken de overheden in de Zuidvleugel van de Randstad samen met NS en ProRail aan binnenstedelijk bouwen van woningen, kantoren en voorzieningen als scholen en ziekenhuizen in de buurt van de treinstations. Als stationsomgevingen aantrekkelijk en goed bereikbaar zijn via bus, tram, metro en fiets, maken meer mensen gebruik van de trein. Als er altijd binnen tien minuten een Intercity of Sprinter komt, en het station ook binnen tien minuten te bereiken is, wordt het aantrekkelijker om voor het openbaar vervoer te kiezen. Binnenstedelijke ontwikkeling spaart de open ruimte in het Groene Hart en de duingebieden. Goed en snel openbaar vervoer kan de groei (en afhankelijkheid) van het autogebruik afremmen en spaart het milieu.

Meer informatie
De Stedenbaanmonitor 2010 is op te vragen bij het secretariaat van Stedenbaan (070-7501612) en te downloaden via www.stedenbaan.nl.

Disclaimer - Privacy Statement - © Copyright Holland Rijnland - Powered by SwordFish