 |
|
 |
 |
 |
 |
Nieuwsbrief Aflevering 184 [ 28 november 2011 ] |
 |
|
 |
 |
 |
 |
 |
 |
|
|
 |
 |
 |
 |
Dagelijks Bestuur Holland Rijnland
=== Agenda vergadering 1 december 2011 === De vergadering van het Dagelijks Bestuur van 1 december 2011 wordt schriftelijk afgehandeld. De leden van het Dagelijks Bestuur krijgen stukken toegezonden over deze onderwerpen: - RijnlandRoute. De stand van zaken van de RijnlandRoute.
- Openbaar vervoer. Het opstellen van een uitvoeringsprogramma voor de OV-visie Holland Rijnland.
- Wonen. De beleidsregel “zelfstandige woonruimte” in de regionale Huisvestingsverordening.
- Portefeuillehoudersoverleggen. De besluitenlijsten van de Portefeuillehoudersoverleggen Economische Zaken, Verkeer en Vervoer en Ruimte.
- Financiën. De nieuwe budgethoudersregeling van Holland Rijnland. Hierin staat onder andere bij welke bedragen verplicht twee offertes moeten worden aangevraagd en wie bij welk bedrag contracten mag aangaan en accorderen.
=== Kort verslag vergadering 17 november 2011 ===
De vorige vergadering van het Dagelijks Bestuur was op 17 november 2011. Deze onderwerpen stonden op de agenda: - RijnlandRoute. Het Dagelijks Bestuur heeft de stand van zaken van de RijnlandRoute en de RijnGouwelijn besproken.
- Bedrijventerreinen. Het Dagelijks Bestuur heeft de reactie vastgesteld op de brief van het Platform Bedrijfsleven Rijnland over de geplande bedrijvenlocaties in de regio. Het Platform Bedrijfsleven heeft het Dagelijks Bestuur gevraagd om bij de planning van bedrijventerreinen verder te kijken dan 2011 en geen enkele locatie voor bedrijventerrein te schrappen, omdat dit de economie op langere termijn kan schaden. Bovendien zou er een ruim aanbod van terreinen moeten blijven, om hoge prijzen te voorkomen. Het Dagelijks Bestuur antwoordt dat bij de planning van bedrijventerreinen wordt gekeken tot 2025. Op dit moment wordt een behoefteraming opgesteld voor de komende jaren. Het bedrijfsleven wordt uitvoerig betrokken bij de uitwerking van de conclusies hiervan. Tot slot meent het Dagelijks Bestuur dat een relatief tekort aan bedrijventerreinen een positieve impuls kan geven aan de herstructurering van oudere bedrijventerreinen.
- Provinciale Structuurvisie. Het Dagelijks Bestuur heeft de zienswijze op de Actualisering 2011 van de Provinciale Structuurvisie en Verordening Ruimte vastgesteld. Het Dagelijks Bestuur vraagt in de zienswijze aandacht voor drie zaken. Allereerst voor de zogenoemde kwaliteitskaarten, die worden gehanteerd bij de inrichting van de provincie. Ten tweede voor de verwerking van de Regionale Kantorenstrategie van Holland Rijnland in de provinciale plannen. Tot slot wijst het Dagelijks Bestuur op het ontbreken van het onderwerp detailhandel.
- Betrokkenheid Boskoop bij overlegstructuur Holland Rijnland. Het Dagelijks Bestuur heeft ingestemd met het voorstel om Boskoop meer te betrekken bij Holland Rijnland en hiermee de aansluiting van deze gemeente bij de regio te vergemakkelijken. Hiermee wordt vooruitgelopen op de fusie van Alphen aan den Rijn, Boskoop en Rijnwoude tot één nieuwe gemeente per 1 januari 2014. Het Dagelijks Bestuur nodigt Boskoop uit om per 1 januari 2012 agendalid te worden van de vergaderingen van het Dagelijks Bestuur, toehoorder bij het Algemeen Bestuur en adviseur van de Portefeuillehoudersoverleggen. Daarnaast wordt Boskoop gevraagd een strategische agenda op te stellen over de onderwerpen die men in Holland Rijnland wil realiseren.
- Regionaal Bureau Leerplicht. Het Dagelijks Bestuur heeft ingestemd met het concept-jaarverslag van het Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland (RBL) over 2010/2011 en legt dit nu voor aan het Algemeen Bestuur. Het Dagelijks Bestuur wil graag dat in het volgende jaarverslag de adviezen van de regionale Rekenkamers worden verwerkt. De Rekenkamers hebben onlangs onderzoek gedaan naar het functioneren van het RBL. (Zie ook het persbericht van de Rekenkamers). Daarnaast heeft het Dagelijks Bestuur geconstateerd dat een groot aantal scholen geen melding maakt van verzuim bij het RBL.
- Actie aansturing VAVO en budget VE per 2013. Het Dagelijks Bestuur heeft besloten bezwaar aan te tekenen bij minister Van Bijsterveld van Onderwijs tegen de veranderingen in de aansturing van het Voortgezet Algemeen Volwassenen Onderwijs (VAVO) en het budget voor Volwasseneneducatie (VE). Deze kunnen ertoe leiden dat Holland Rijnland in het ergste geval de helft van het budget van drie miljoen euro voor volwasseneneducatie kwijtraakt. Wethouder Jan Jaap den Haan van Leiden heeft op 16 november een gesprek gevoerd met de minister. Het Dagelijks Bestuur heeft over deze kwestie een brief gestuurd aan de minister. Daarnaast wil het Dagelijks Bestuur nog overleggen met de VNG over een gezamenlijke actie naar het ministerie.
- Portefeuillehoudersoverleggen. Het Dagelijks Bestuur heeft de procedures rond de portefeuillehoudersoverleggen van Holland Rijnland besproken. Omdat de stukken drie weken voor de vergadering worden verstuurd, wil het Dagelijks Bestuur de mogelijkheid inbouwen om kort voor het overleg actuele onderwerpen en vragen aan de agenda toe te voegen.
- Financiën. Het Dagelijks Bestuur heeft de Financiële Verordeningen, de Controleverordening en het Treasurystatuut besproken en besloten deze ter vaststelling voor te leggen aan het Algemeen Bestuur. Deze stukken regelen de financiële huishouding van het samenwerkingorgaan en zijn aangepast aan de laatste stand van zaken.
Naar aanleiding van de behandeling in het Portefeuillehoudersoverleg Bestuur en Middelen vindt het Dagelijks Bestuur dat in de Financiële Verordeningen banken met minimaal een “double A status” moeten worden opgenomen. Daarnaast heeft het Dagelijks Bestuur besloten de adviezen om offertes voor geldleningen te bewaren en de afschrijvingstermijn voor software aan te passen niet over te nemen. - Algemeen Bestuur. Het Dagelijks Bestuur heeft de agenda voor de vergadering van het Algemeen Bestuur van 14 december 2011 vastgesteld. De stand van zaken van de RijnGouwelijn wordt aan de agenda toegevoegd.
- Greenport Duin- en Bollenstreek. Met de komst van de Greenport Duin- en Bollenstreek is er een leemte ontstaan waar beleidsmatige zaken over deze greenport worden besproken. Er zijn diverse mogelijkheden om dit hiaat op te vullen. Het Dagelijks Bestuur is uiteraard bereid om, als de direct betrokken gemeenten een rol voor het samenwerkingsorgaan zien, deze in overleg met die gemeenten in te vullen.
De vijf gemeenten hebben het initiatief genomen om een economische agenda voor de greenport op te stellen, onder andere met het oog op het topsectorenbeleid van minister Verhagen. Mogelijkerwijs komt hierin de vraag of het wenselijk is om op de schaal van Holland Rijnland (met de greenports Aalsmeer en Boskoop) te acteren, en op welke wijze daaraan dan vorm kan worden gegeven.
|
 |
 |
|
 |
 |
|
|
 |
 |
|
|
 |
 |
 |
 |
Portefeuillehoudersoverleg Sociale Agenda
Het Portefeuillehoudersoverleg Sociale Agenda kwam bijeen op woensdag 9 november. Deze onderwerpen stonden op de agenda: Algemeen deel Sociale Agenda - Decentralisatie jeugdzorg, Wet werken naar vermogen (WNV) en AWBZ. De portefeuillehouders hebben kennis gemaakt met Rike van Oosterhoudt. Zij is de nieuwe procesregisseur die in nauwe samenwerking met de gemeenten een gezamenlijke visie en plan van aanpak ontwikkelt voor de decentralisatie van de jeugdzorg, de Wet werken naar vermogen en de AWBZ. Mevrouw Van Oosterhoudt heeft een korte presentatie gegeven over het opstellen van de visie en het plan van aanpak en enkele vragen beantwoord. Het is de bedoeling dat visie en plan gereed zijn voor het portefeuillehoudersoverleg van 15 februari 2012. Verderop in deze nieuwsbrief een interview met Rike van Oosterhoudt.
- Maatschappelijke ondersteuning. De portefeuillehouders hebben ingestemd met de verdeling van de uren die de provincie in 2012 beschikbaar stelt voor de ondersteuning van sport, preventieve jeugdzorg en Wmo in de gemeenten. Er is afgesproken deze ondersteuningsuren in Holland Rijnland te gebruiken voor de thema’s “kwetsbare groepen” en “welzijn nieuwe stijl”.
- Scarabee. Een vertegenwoordigster van Scarabee heeft een presentatie gegeven over het inloophuis voor kankerpatiënten van deze organisatie. Scarabee organiseert al inloopochtenden, maar wil graag een eigen pand kopen. Hiervoor doet de organisatie mede een beroep op de Holland Rijnland-gemeenten.
De portefeuillehouders uit de vijf Bollenstreek-gemeenten hebben gezegd dat zij al bijdragen aan het Adamahuis in Nieuw-Vennep. Ze willen geen twee huizen subsidiëren. De wethouders uit Leiden en omgeving staan positief tegenover het verzoek en bepalen later hun standpunt. De overige gemeenten willen geen bijdrage leveren. - Wonen, zorg en welzijn. De portefeuillehouders hebben kennis genomen van de woonzorgmonitor Zuid-Holland-Noord/Holland Rijnland en het verslag van de gemeentelijke inventarisatieronde over de prestatieafspraken wonen, zorg en welzijn. De monitor geeft een overzicht van de huidige en toekomstige vraag naar en aanbod van woonzorgvoorzieningen. De verwachting is dat hier steeds meer vraag naar komt door de vergrijzing. De portefeuillehouders hebben geadviseerd om het rapport aan te vullen met cijfers over koopwoningen en vrije sector huurwoningen en het vervolgens te gebruiken bij het opstellen van de nieuwe regionale woonvisie van Holland Rijnland. De portefeuillehouders willen thema’s als doorstroming van senioren, stimulering van het beter toegankelijk maken van woningen, visie op woonservicezones en de financiële aspecten binnenkort opnieuw bespreken in de Portefeuillehoudersoverleggen Ruimte en Sociale Agenda.
- Actie aansturing VAVO en budget VE per 2013. De portefeuillehouders adviseren het Dagelijks Bestuur bezwaar aan te tekenen bij minister Van Bijsterveldt van Onderwijs tegen de datum waarop de wijzigingen in het Voortgezet Algemeen Volwassenen Onderwijs (VAVO) van kracht worden en tegen de bezuinigingen op het budget voor de Volwasseneneducatie (VE). Door deze bezuinigingen dreigen de Holland Rijnland-gemeenten in het ergste geval de helft van het budget van drie miljoen euro voor VE kwijt te raken. Dat kan grote gevolgen hebben voor de deelname van laagopgeleiden aan de samenleving. Wethouder Jan Jaap den Haan van Leiden heeft op 16 november overleg gevoerd met de minister. Het Dagelijks Bestuur heeft over deze kwestie een brief gestuurd aan de minister. Daarnaast wil het Dagelijks Bestuur nog overleggen met de VNG over een gezamenlijke actie naar het ministerie.
Gezamenlijk overleg met Portefeuillehoudersoverleg Economische Zaken - Arbeidsmarktbeleid. De portefeuillehouders hebben gediscussieerd over de rol van de overheid bij het verbeteren van de opleidingen voor de bouwsector. Aanleiding hiervoor was een presentatie door leerlingen van de Bouwopleiding Rijnland (BOR). Bij de discussie kwamen drie varianten aan de orde: het sluiten van een convenant op het niveau van Holland Rijnland, een convenant gericht op het stimuleren van opleiden in de bouwsector of het maken van afspraken door de gemeenten. De portefeuillehouders hebben ervoor gekozen om regionale afspraken te maken, maar tegelijk bepaald dat hieraan altijd een lokale invulling kan worden gegeven. Aan het portefeuillehoudersoverleg van 22 februari 2012 wordt een convenanttekst voorgelegd, die vooral ingaat op de Wet werken naar vermogen.
|
 |
 |
|
 |
 |
 |
 |
Portefeuillehoudersoverleg Economische Zaken
Het Portefeuillehoudersoverleg Economische Zaken vergaderde op woensdag 9 november. De volgende onderwerpen stonden op de agenda. Gezamenlijk overleg met portefeuillehouders Sociale Agenda Economische Zaken - Topsectoren. Wethouder Robert Strijk van Leiden heeft een korte presentatie verzorgd over het topsectorenbeleid van het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie. De minister heeft tien topsectoren geselecteerd, die volgens hem essentieel zijn voor de internationale concurrentiepositie van Nederland. Het gaat hierbij om agrofood, tuinbouw en uitgangsmaterialen, high tech, energie, logistiek, creatieve industrie, Bio Sciences, chemie, water en internationale hoofdkantoren. Met gerichte maatregelen wil de minister deze sectoren verder versterken.
De portefeuillehouders hebben geconcludeerd dat de Holland Rijnland-gemeenten zich bij het topsectorenbeleid moeten richten op de regionale speerpuntsectoren Bio Sciences, greenports en ruimtevaarttechnologie. Hierbij moeten ook verbindingen worden gelegd met andere sectoren die voor de regionale economie van belang zijn, zoals transport en logistiek en recreatie en toerisme. De portefeuillehouders kiezen bij het bevorderen van de drie speerpuntsectoren voor een regionale aanpak, die overigens niet altijd via het samenwerkingorgaan hoeft te lopen. De volgende afspraken zijn gemaakt:- Naar het model van de Bio Science Park Foundation komen er stichtingen voor de greenports en de ruimtevaarttechnologie om de samenwerking tussen ondernemers, onderwijs en overheid te versterken.
- Holland Rijnland schrijft een notitie over de regionale speerpunten en de verbindingen met andere sectoren, die wordt voorgelegd aan het portefeuillehoudersoverleg van 15 februari 2012.
- Holland Rijnland neemt het voortouw bij het versterken van de samenwerking tussen de verschillende greenports en de relatie met koepelorganisatie Greenport Holland.
- Wethouders Jan uit den Boogaard (Kaag en Braassem) en Bas Brekelmans (Lisse) gaan aan de slag om de samenwerking tussen het Flower Science Centre (Lisse) en het Flower Knowledge Center (Kaag en Braassem) te verbeteren.
- Leiden en Noordwijk gaan intensiever samenwerken op het gebied van ruimtevaarttechnologie. Hierbij wordt ook de TU Delft betrokken.
- Detailhandel. De portefeuillehouders hebben kennis genomen van het plan van aanpak voor een nieuwe strategie voor “perifere detailhandelslocaties” (winkels op bedrijventerreinen of buiten de bebouwde kom) in Holland Rijnland. Verschillende gemeenten hebben erop aangedrongen dat de strategie ook rekening houdt met de veranderingen in het koopgedrag en de aantrekkingskracht van winkelcentra buiten de regio. Volgens voorzitter Jan Uit den Boogaard staat een wijziging van het beleid voor perifere detailhandelslocaties niet bij voorbaat vast. Het onderzoek levert diverse keuzemogelijkheden op, waarover afspraken kunnen worden gemaakt.
De portefeuillehouders hebben ook kennis genomen van het bestuurlijke overleg over de vestiging van een nieuwe locatie voor perifere detailhandel in de noordelijke Bollenstreek. - Bedrijventerreinenstrategie. De portefeuillehouders hebben kennis genomen van de voortgang bij de zeven pilotprojecten voor herstructurering van bedrijventerreinen in de regio. Het gaat hierbij om Dever in Lisse (Flower Science Park), Jagtlust in Teylingen, Dobbewijk in Voorschoten, Lasso-Noord in Kaag en Braassem, het terrein van het voormalige Marine Elektronisch en Optisch Bedrijf (MEOB) in Oegstgeest, ’t Heen in Katwijk en Bovenland in Nieuwkoop.
Voor alle pilots zijn onder andere factsheets gemaakt, die ook op www.hollandrijnland.net staan. Daarnaast is het EVA-project gestart, dat tot doel heeft vraag en aanbod van bedrijfsruimte beter op elkaar af te stemmen. De nieuwe regionale behoefteraming voor bedrijventerreinen is eind november in concept gereed en wordt voorgelegd aan het portefeuillehoudersoverleg van 15 februari 2012. - Kantorenstrategie. De portefeuillehouders hebben ingestemd met de aangepaste planning voor de Kantorenstrategie Holland Rijnland, die is gemaakt naar aanleiding van het extra Portefeuillehoudersoverleg Economische Zaken van 12 oktober. Het is de bedoeling het nieuwe concept van de Regionale Kantorenstrategie te behandelen in een extra Portefeuillehoudersoverleg op 13 januari 2012.
|
 |
 |
|
 |
 |
|
|
 |
 |
 |
 |
Portefeuillehoudersoverleg Verkeer en Vervoer
Het Portefeuillehoudersoverleg Verkeer en Vervoer kwam bijeen op vrijdag 11 november. Deze onderwerpen stonden op de agenda: - Uitvoeringsprogramma Regionaal Verkeer- en Vervoerplan (UP RVVP). De portefeuillehouders hebben de concept-projectenlijst van het Uitvoeringsprogramma Regionaal Verkeer- en Vervoerplan besproken. Het RVVP is het overzicht van alle projecten die Holland Rijnland de komende jaren wil uitvoeren ter verbetering van de mobiliteit en verkeersveiligheid in de regio. De lijst is in de vergadering uitgebreid met de N231, de verbinding naar de Greenport Aalsmeer en het overzicht van de uren die de gemeenten aan de diverse projecten willen besteden. Bij de fietsprojecten ontbreekt nog veel informatie over kosten en planningen. Die informatie wordt zoveel mogelijk aangevuld voor de bespreking over de vaststelling van het totale uitvoeringsprogramma in het Portefeuillehoudersoverleg Verkeer en Vervoer van februari 2012.
- RijnGouwelijn. Voorzitter Leendert de Lange heeft een toelichting gegeven op het recente bestuurlijke en ambtelijke overleg over de RijnGouwelijn. Hij heeft geen inhoudelijke mededelingen gedaan over het project.
Het Bestuurlijk Overleg Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT) met minister Schultz van Haegen is verzet naar 7 december. Hierdoor is er iets meer tijd voor het opstellen van een gedragen voorstel voor de hoogwaardige openbaar vervoerverbinding. De Stuurgroep RijnGouwelijn neemt vóór 7 december een besluit over een definitief voorstel voor de verbinding. De portefeuillehouders hebben aangedrongen op een goede voorlichting van de betrokken gemeenteraden. - RijnlandRoute. De portefeuillehouders zijn geïnformeerd over de stand van zaken van de RijnlandRoute. Gedeputeerde Staten hebben de keuze uit de twee overgebleven tracé’s (“Zoeken naar Balans” en Churchill Avenue) uitgesteld tot mei of juni 2012. Volgens de regels van het Regionaal Investeringsfonds moet het Algemeen Bestuur vóór januari 2012 een projectplan voor de nieuwe wegverbinding vaststellen. Dat lukt nu niet. Daarom is het de bedoeling dit plan medio volgend jaar aan het Algemeen Bestuur voor te leggen.
De portefeuillehouders hebben kennis genomen van een rapport van de TU Delft over de economische effecten van de twee overgebleven tracés. Dit rapport is op de agenda gezet op verzoek van Voorschoten. De provincie Zuid-Holland doet in het kader van de maatschappelijke kosten-/batenanalyse (MBKA) ook onderzoek naar de economische effecten. Het mer-rapport naar de milieu-effecten van de RijnlandRoute is waarschijnlijk in april 2012 gereed. Diverse portefeuillehouders hebben aangedrongen op een goede informatievoorziening naar de gemeenteraden. - Noordelijke Ontsluiting Greenport (NOG). Portefeuillehouder Verkeer Leendert de Lange heeft verslag gedaan van het Breed Bestuurlijk Overleg van betrokken gemeenten, regio’s en de provincies Noord- en Zuid-Holland over de verbinding N205-N206 van 14 oktober 2011. Alle betrokken partijen hebben toegezegd dat ze geld voor deze weg willen uittrekken, waarmee de kosten voor tweederde zijn gedekt. Voor het restant wordt een beroep gedaan op het ministerie van Infrastructuur en Milieu. De overheden willen zo snel mogelijk met de planstudie beginnen, zodat enkele onduidelijkheden over het project kunnen worden opgelost. De gemeente Haarlemmermeer heeft aangegeven de hoogwaardige openbaar vervoerverbinding van Nieuw-Vennep naar Hillegom en Lisse te steunen.
- Corridor N207. Portefeuillehouder Leendert de Lange heeft verslag gedaan van het bestuurlijke overleg over de Corridor N207 op 27 oktober 2011. Dit project bestaat uit diverse deelprojecten die samen de Greenportcorridor tussen de A4 en A12 vormen. Het is de bedoeling een gezamenlijke agenda op te stellen, waarin alle deelprojecten aan de orde komen. Daarnaast willen de betrokken gemeenten steun vragen voor de Greenportcorridor bij het bedrijfsleven, de Kamer van Koophandel en agrarische bedrijven.
- Vervolg OV-visie. De portefeuillehouders hebben vraagtekens geplaatst bij het voorstel om op korte termijn een uitvoeringsprogramma voor de OV-visie Holland Rijnland op te stellen. De portefeuillehouders vinden dat dit voorstel tegelijk moet worden besproken met de afhandeling van de eerste partiële herziening van de OV-visie. Dan kan eventueel ook worden bepaald of een tweede partiële herziening nodig is.
De OV-visie ligt op dit moment ter inzage omdat deze onlangs is uitgebreid met de plannen en wensen van Alphen aan den Rijn, Nieuwkoop en Rijnwoude. - Regiotaxi Holland Rijnland. De portefeuillehouders hebben ingestemd met de tarieven van de Regiotaxi Holland Rijnland in 2012. Voor ov-reizigers wordt het zonetarief 2,50 euro. Reizigers met een Wmo-indicatie tot 65 jaar betalen volgend jaar 55 eurocent per zone, boven de 65 jaar 35 eurocent.
- Verkeersveiligheid. Voorzitter Kees van Velzen (wethouder Alphen aan den Rijn) van de Regionale Projectgroep Verkeersveiligheid heeft het project “School op Seef” onder de aandacht gebracht. Dit project heeft tot doel de verkeersveiligheid van scholieren te verbeteren en wordt al op diverse scholen met veel succes uitgevoerd. De voorzitter heeft ook een kaart uit de nieuwe Verkeersveiligheidsatlas uitgereikt, die onlangs is uitgebreid met Alphen aan den Rijn, Nieuwkoop en Rijnwoude.
|
 |
 |
|
 |
 |
|
|
 |
 |
 |
 |
Gemeenten: “Inwoners centraal bij nieuwe taken werk, Wmo en jeugd”
“De decentralisaties van werk, Wmo, en jeugd zijn zo complex en veelomvattend, dat het verstandig is dat gemeenten hierbij samenwerken,” zegt Rike van Oosterhoudt. Van de portefeuillehouders Sociale Agenda van de vijftien Holland Rijnland-gemeenten heeft zij de opdracht gekregen een gezamenlijke visie en een plan van aanpak op te stellen voor de drie decentralisaties. Op 15 februari 2012 moeten die klaar zijn. In 2013 komen de decentralisaties van werk, Wmo en jeugd op de gemeenten af. Wat betekent dit voor gemeenten? “Gemeenten krijgen een enorme taak bij de ondersteuning van inwoners die op de een of andere manier hulp nodig hebben. Het gemeentelijke budget voor het sociale domein wordt even groot als dat voor een bijvoorbeeld infrastructuur. Dit betekent niet alleen dat er meer geld naar de gemeenten komt, maar ook dat er nieuwe expertise nodig is.” “De decentralisatie van werk heeft als doel mensen via de Wet werken naar vermogen zoveel mogelijk aan een reguliere baan te helpen. De Wmo betreft de individuele en groepsbegeleiding, zoals dagopvang en hulp bij het op orde krijgen van financiën. Bij de jeugdzorg komen alle vormen van hulp en ondersteuning van kinderen en jongeren bij de gemeenten te liggen, van lichte geestelijke gezondheidszorg tot uithuisplaatsingen en opvang in internaten.” Is het belangrijk dat er gemeenschappelijk wordt nagedacht over de decentralisaties? “De nieuwe taken zijn zo omvangrijk en complex, dat waarschijnlijk geen enkele gemeente in staat is alle onderdelen van de decentralisaties zelf te organiseren. Dat lukt alleen als je dit op grotere schaal aanpakt. Bovendien schrijft de wet voor dat gemeenten regionaal samenwerken. Als ze dat niet doen, wordt samenwerking opgelegd. Dat is een extra prikkel om de decentralisaties in eigen hand te houden.” Wat gaat u precies doen om te komen tot een gemeenschappelijke visie? “In november bezoek ik de wethouders en betrokken ambtenaren van alle vijftien Holland Rijnland-gemeenten. Zij kunnen mij vertellen welke bestuurlijke en politieke plannen en wensen zij hebben voor werk, Wmo en jeugd. Daarnaast wil ik in kaart brengen waar zij zich zorgen over maken en waar ze kansen zien om zaken op regionaal niveau te regelen. Het gaat mij niet alleen om de grootste gemene deler, maar ook om de verschillen tussen de gemeenten. De visie moet duidelijk maken wat gemeenten belangrijk vinden en wat ze willen bereiken. Het belang van de inwoners en de vraag waar gemeenten moeten ondersteunen staan hierbij centraal.” Kunt u al iets zeggen over de uitkomst van de interviewronde? Wat verwacht u hiervan? “Medio november heb ik al diverse gesprekken achter de rug. Ik merk dat gemeenten duidelijke ideeën hebben over wat ze zelf belangrijk vinden en wat ze lokaal of regionaal willen uitvoeren. Sommigen willen vooral beleidsmatig samenwerken, bijvoorbeeld bij verordeningen en regels. Anderen zien voordeel bij de uitvoering, zoals inkoop en het sluiten van contracten. Er is veel oog voor de efficiency, omdat veel taken met minder geld moeten worden uitgevoerd. Maar alle gemeenten maken duidelijk dat het de inwoner is die centraal moet staan. Daarom vindt iedereen dat de zorg beter moet en dat men niet kan voortbouwen op het verleden.” Hoe staat het met het plan van aanpak? Wanneer moet dat klaar zijn? “Het plan van aanpak omschrijft hoe de gemeenten de invoering van de nieuwe taken willen uitvoeren. Niet alle gemeenten zijn betrokken bij alle onderdelen. Het kan best zijn dat vijf of acht gemeenten ervoor kiezen alleen bij een bepaald onderwerp samen te werken. Het plan wordt ambtelijk voorbereid in werkgroepen voor werk, Wmo en jeugd en in een projectgroep die vooral kijkt naar de verbindingen tussen de drie decentralisaties. Hierbij gaat het om optimale zorg voor inwoners die van drie regelingen gebruikmaken, zoals jongeren met een verstandelijke beperking. De visie en het plan van aanpak worden op 15 februari 2012 voorgelegd aan het Portefeuillehoudersoverleg Sociale Agenda. Die datum is hard.” Zie ook www.hollandrijnland.net en het persbericht verderop van de provincie Zuid-Holland.
|
 |
 |
|
 |
 |
 |
 |
Holland Rijnland informeert over nieuwe behoefteraming bedrijventerreinen
Hoeveel bedrijventerreinen zijn er de komende jaren nodig en waar moeten die komen? Op die vragen moet de nieuwe regionale behoefteraming bedrijventerreinen van Holland Rijnland een antwoord geven. De nieuwe behoefteraming wordt opgesteld in opdracht van het Dagelijks Bestuur van de regio. Binnenkort zijn de eerste resultaten hiervan bekend. Tijdens drie informatiebijeenkomsten informeert Holland Rijnland gemeenten, bedrijfsleven en andere geïnteresseerden over de voorlopige uitkomsten. Tijdens de bijeenkomsten wordt ook ingegaan op de gebruikte methode van de raming en de relatie tussen de raming van Holland Rijnland en die van de provincie Zuid-Holland. Er zijn vier bijeenkomsten gepland: De bijeenkomst voor de gemeenten Hillegom, Katwijk, Lisse, Noordwijk, Noordwijkerhout en Teylingen is al geweest op 21 november 2011. Gemeenten: Alphen aan den Rijn, Kaag en Braassem, Nieuwkoop en Rijnwoude. Datum: 24 november 2011. Tijdstip: Inloop 16.30 tot 17.00 uur, bijeenkomst 17.00 tot 18.30 uur, borrel en lichte maaltijd 18.30 tot 19.00 uur. Locatie: Avifauna. Adres: Hoorn 65, Alphen aan den Rijn. Gemeenten: Leiden, Leiderdorp, Oegstgeest, Voorschoten en Zoeterwoude. Datum: 28 november 2011. Tijdstip: Inloop 16.30 tot 17.00 uur, bijeenkomst 17.00 tot 18.30 uur, borrel en lichte maaltijd 18.30 tot 19.00 uur. Locatie: Brasserie Park. Adres: Van Diepeningenlaan 2, Leiderdorp. Belangstellenden kunnen zich aanmelden door een mail te sturen naar jsmittenaar@hollandrijnland.net. De Kamer van Koophandel stuurt nog een afzonderlijke uitnodiging naar het bedrijfsleven in de regio. Meer informatie.
|
 |
 |
|
 |
 |
 |
 |
Rekenkameronderzoek uitvoering Leerplichtwet in Holland Rijnland
De gezamenlijke rekenkamers en rekenkamercommissies in Holland Rijnland hebben een onderzoek laten doen naar de uitvoering van de Leerplichtwet 1969 door het Regionaal Bureau Leerplicht (RBL), onderdeel van het Samenwerkingsorgaan Holland Rijnland. Uit dit onderzoek blijkt dat het RBL de taken doelmatig uitvoert, maar er is onvoldoende zicht op de doeltreffendheid. De gemeenteraden zijn beperkt betrokken bij het onderwerp. De bestuurlijke afstand met Holland Rijnland speelt daarbij een rol. Waarom dit onderzoek? Vanaf 2002 zijn de meeste gemeenten in de regio Holland Rijnland toegetreden tot het RBL. De toegetreden gemeenten hebben de uitvoering van de leerplichttaken overgedragen aan het RBL. Na ruim 8 jaar is de vraag gerechtvaardigd of de overdracht van de taken de beoogde meerwaarde heeft opgeleverd en kan gekeken worden hoe de verantwoordelijkheden worden ingevuld. Het onderzoek leent zich goed voor een gezamenlijke uitvoering. Wat is onderzocht? De hoofdvragen in het onderzoek zijn of het RBL doelmatig en doeltreffend de taken uitvoert, of de samenwerking in het RBL de verwachte meerwaarde oplevert en op welke manier de gemeenteraden invulling geven aan hun kaderstellende en controlerende rol. Doelmatigheid en doeltreffendheid Uit het onderzoek blijkt dat de leerplichttaken door het Regionaal Bureau Leerplicht weliswaar doelmatig worden uitgevoerd, maar dat de doeltreffendheid niet is vast te stellen. Dit komt vooral omdat aan de uitvoering van de leerplichttaken geen streefwaarden zijn gekoppeld en omdat de opdrachtgever, de samenwerkende gemeenten in Holland Rijnland, niet stuurt op streefwaarden. Verder is de duiding van de gegevens in de jaarverslagen van het RBL niet altijd ondubbelzinnig. Dat laatste geldt bijvoorbeeld voor het percentage meldende scholen. Een laag percentage hoeft niet te betekenen dat er weinig verzuim is. Dit bemoeilijkt het beoordelen van de gerapporteerde gegevens. Meerwaarde regionale samenwerking Met de regionale samenwerking werd een bepaalde meerwaarde beoogd. Uit het onderzoek komt naar voren dat die meerwaarde wel wordt beleefd, maar dat die niet expliciet wordt vastgelegd. Ook wordt er niet op gestuurd, in de zin dat beoordeeld wordt of wat men denkt of verwacht ook daadwerkelijk zo is. Kaderstellende en controlerende rol van de raden Ook blijkt uit het onderzoek dat de afzonderlijke gemeenteraden en het Algemeen Bestuur van Holland Rijnland hun kaderstellende en controlerende rol zeer beperkt invullen. Sturen op basis van het formuleren van gewenste resultaten blijft achterwege, evenals het sturen op basis van de behaalde resultaten. Wat betreft de gemeenteraden wordt dit verklaard door het ontbreken van politieke urgentie zolang er zich geen calamiteiten of incidenten voordoen. Verder is er sprake van een getrapte bestuurslijn waardoor de kaderstelling en controle is verplaatst naar het Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur van Holland Rijnland. In de praktijk werkt de getrapte bestuurslijn als barrière voor de raad om invloed uit te oefenen. (bron: persbericht gezamenlijke Rekenkamers). Rapport uitvoering Leerplichtwet in Holland Rijnland.
|
 |
 |
|
 |
 |
|
|
 |
 |
|
|
 |
 |
 |
 |
Noordwijk: onderzoek voor- en nadelen één Bollengemeente
Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Noordwijk komt bij monde van wethouder Leon van Ast (PUUR NOORDWIJK) met het voorstel om de gemeenteraden van de Bollenstreek aan te schrijven met het verzoek hun colleges te vragen mee te werken aan een onderzoek naar de concrete voor- en nadelen van een fusie tot één Bollenstreekgemeente vanuit het perspectief van de bewoners. Centrale vraag Welke samenwerkingsvariant(en) cq. fusievariant(en) maximaliseren binnen de afwegingskaders de bestuurlijke en economische slagkracht van Noordwijk in de regio? Dit is de centrale vraag die het college beantwoordt in zijn nota: ‘Bestuurlijke Toekomst van Noordwijk; ‘Een nieuw perspectief’. "Het college lost met de nota een belangrijke politieke belofte in: een stuk dat de raadsdiscussie faciliteert en er tegelijkertijd richting aan geeft, want zoveel varianten blijken er niet voorhanden te zijn die de bestuurlijke en economische kracht van Noordwijk versterken", aldus wethouder Van Ast. De uitkomst is het verzoek aan de gemeenteraad om enerzijds te blijven inzetten op de huidige brede-samenwerkingsvariant (samenwerking met de Bollenstreekgemeenten en Katwijk) en om anderzijds geld vrij te maken voor een nader onderzoek naar de fusievariant Bollenstreekgemeente. Deze twee vormen van bestuurlijke organisatie leveren Noordwijk het meeste op, zoals uit de analyse blijkt. De fusievariant levert in potentie zelfs de hoogste score op in het waarderingsmodel. Twee andere varianten scoren lager, waaronder de fusie met enkel Noordwijkerhout, waardoor deze vormen van bestuurlijke organisatie minder interessant zijn. Beslissingsruimte voor de gemeenteraad Onder penvoering van wethouder Van Ast heeft het College een stevig rapport voor de gemeenteraad op tafel gelegd. Dit lijvige stuk -bijna 70 pagina’s- is voorzien van de nodige bijlagen. De raad wordt meegenomen in een gedetailleerde verkenning en een onderbouwde analyse van het vraagstuk. In het stuk wordt de beslissingsruimte voor de raad scherp aangegeven tegen de recente ontwikkelingen. Grondig onderbouwd, omdat het de gemeenteraad van Noordwijk is die moet aangeven welk pad uitgezet wordt. Het college introduceert een nieuw model waarin vier mogelijke vormen van bestuurlijke organisatie (samenwerkingsvarianten en fusiemogelijkheden) met nieuwe waarderingscriteria gewogen worden. Het vraagstuk wordt daardoor in een nieuw perspectief geplaatst. De wegingscriteria zijn: ‘oog voor identiteit’, ‘afstand burger-bestuur’, ‘adequate omgang met gemeenschapsgeld’, ‘kwaliteit dienstverlening‘ en ‘invloed op bestuurlijke drukte’. De gemeenteraad van Noordwijk is aan zet op woensdag 30 november bij de behandeling van de discussienota. Vastgesteld Het college heeft de nota op dinsdag 8 november vastgesteld. Burgemeester Jan Pieter Lokker: “De wethouder Bestuurlijke Toekomst heeft een evenwichtig discussiestuk geleverd dat goed en betrouwbaar aangeeft dat Noordwijk nog lang zelfstandig de bestuurlijke uitdagingen aan kan, maar vanuit haar stand verplicht is om te onderzoeken of een fusie tot één bollengemeente meerwaarde oplevert voor de (Noordwijkse) inwoners. Het debat kan nu gehouden worden op de enige plek waar het gehouden moet worden, namelijk de Noordwijkse gemeenteraad.” (bron: nieuwsbericht www.noordwijk.nl). Meer informatie en links.
|
 |
 |
|
 |
 |
|
|
 |
 |
 |
 |
GS: instemmen met akkoord decentralisatie natuur
Gedeputeerde Staten (GS) stellen Provinciale Staten (PS) voor in te stemmen met het onderhandelingsakkoord tussen Rijk en provincies, dat de overdracht regelt van de taken op het gebied van natuurbeleid. Naast afspraken over de overdracht van rijkstaken op het gebied van natuur en recreatie, zijn in het akkoord ook afspraken gemaakt over het afwikkelen van het Investeringsbudget Landelijk Gebied (ILG) en het beheer van natuurgebieden. “Het is geen fraai akkoord, maar wel het best haalbare akkoord”, licht gedeputeerde Han Weber toe. PS besluiten hierover op 14 december. Na bijna een jaar onderhandelen kwamen het Rijk en het Interprovinciaal Overleg (IPO) in september 2011 tot een akkoord over de forse rijksbezuinigingen en de decentralisatie van taken op het gebied van natuur, recreatie en landschap. Alle provincies hebben tot 24 december de tijd om te besluiten of ze in kunnen stemmen met het akkoord. Pas als alle provinciebesturen en de Tweede Kamer met het akkoord hebben ingestemd, is er sprake van een definitief decentralisatieakkoord. Gevolgen voor Zuid-Holland Samen met de decentralisatie van taken past het Rijk een korting toe op het budget. Het oorspronkelijk ILG-programma van de provincie Zuid-Holland moet daarom worden aangepast. Internationale doelen voor Natura 2000 en de Kaderrichtlijn Water zijn daarbij leidend. Het onderhandelingsakkoord gaat uit van de verplichtingen die de provincie is aangegaan. Hoewel de twaalf provincies 100 miljoen euro krijgen voor beheer en onderhoud is dit onvoldoende om de bestaande en de nog te realiseren groengebieden volgens de huidige normen te kunnen onderhouden. Om het beheer in Zuid-Holland betaalbaar te houden, moet er perspectief zijn op het beheer voordat projecten worden uitgevoerd. Daarnaast zal een versobering van de beheersubsidies aan terreinbeheerders moeten plaatsvinden. Ook moet de provincie alternatieve beheerstrategieën onderzoeken om zoveel mogelijk de kwaliteit in het beheer op peil te kunnen houden. De provincie voert gesprekken met de betrokken partijen om te kijken hoe de rijksbezuinigingen op het ILG kunnen worden vormgegeven. Groenagenda Hoewel het akkoord nog verdere uitwerking vraagt, zijn er op hoofdlijnen voldoende aanknopingspunten om de beleidslijnen uit te zetten voor de komende jaren. Hoewel er flink bezuinigd moet worden op de aanleg en het beheer van groengebieden, biedt de decentralisatie ook kansen om het beleid en de uitvoering doelmatiger aan te pakken. Om hierin goede keuzes te maken, is de provincie een traject gestart om te komen tot een Groenagenda. Samen met gemeenten, waterschappen, beheerorganisaties en andere maatschappelijke partijen gaat de provincie kijken hoe ze deze nieuwe taken gaat oppakken. Vragen die daarbij aan de orde komen, zijn onder andere: kunnen de taken het op een andere, goedkopere manier worden uitgevoerd en wie kunnen daaraan een bijdrage leveren? (bron: persbericht provincie Zuid-Holland).
|
 |
 |
|
 |
 |
 |
 |
Start opzet Beleidskader maatschappelijke participatie
De provincie wil de participatie van kwetsbare burgers helpen bevorderen. Ze richt zich hierbij onder andere op tienermoeders en dak- en thuisloze jongeren. Omdat de regio’s in de afgelopen jaren een goede partij waren in het ondersteunen van deze mensen, is het voorstel om opnieuw bestuursovereenkomsten met de regio’s te sluiten. De huidige bestuursovereenkomsten lopen binnenkort af. Hoe de provincie en de regio's dit gaan doen, staat in de Startnotitie Beleidskader maatschappelijke participatie. De Wet maatschappelijke ondersteuning vormt het kader. De provincie richt zich op de uitvoering van haar wettelijke taken. Ze gaat de regio's ondersteunen bij de uitvoering van lokaal en regionaal beleid voor deze groepen. Regionale meerjarenprogramma’s Samen met de regio's stelt de provincie meerjarenprogramma's op, op basis van de uitkomsten van een barometer sociale kwaliteit. Deze barometer meet de stand van zaken op de pijlers sociale leefomgeving, participatie en jeugd in de regio’s. Provincie en regio’s zullen vanuit hun eigen verantwoordelijkheid bijdragen aan het bevorderen van de participatie van kwetsbare groepen burgers. De provincie subsidieert steunfuncties, die door middel van kennisvergaring, kennisverspreiding en deskundigheidsbevordering hun expertise inzetten. Planning Komend half jaar wordt benut om samen met de regio’s en andere partijen de startnotitie uit te werken naar een Beleidskader Maatschappelijke participatie. In 2015 moeten alle regio’s een voldoende scoren op de pijlers sociale leefomgeving, participatie en jeugd. (bron: persbericht provincie Zuid-Holland)
|
 |
 |
|
 |
 |
|
|
 |
 |
 |
 |
Bouwontwikkeling aan Torenlaan Voorhout
Het college van Teylingen vraagt de mening van de commissie Ruimte over de bouw van woningen aan de Torenlaan op het perceel van het bedrijf M&G (Molenaar & Van Ginhoven) en het perceel waar Roma Nova is gevestigd. Beide bedrijven stoppen hun bedrijfsvoering aan de Torenlaan en gaan in het buitengebied van Teylingen verder, waarbij ze hun activiteiten kunnen intensiveren. De herontwikkeling biedt Teylingen de kans om de verrommeling in het buitengebied aan te pakken en verpaupering van leegstaande bedrijfspanden te voorkomen. Belangrijk is ook dat door op deze plek woningen te bouwen geen buitengebied/bollengrond verloren gaat. Afspraken binnen de Greenport (GOM) Gemeenten die deelnemen aan de GOM hebben met elkaar afgesproken dat binnen de Bollenstreek bij de herontwikkeling van buitengebieden gekeken wordt waar mogelijk woningbouw kan worden ontwikkeld en waar de bollenteelt geclusterd kan worden teruggebracht. Binnen de Greenport is afgesproken dat er 600 woningen kunnen worden gebouwd waarvan 60% geclusterd en 40% verspreid. Met de ontwikkeling aan de Torenlaan ontstaat een clusterlocatie en met de opbrengst hiervan kan de herstructurering van de bollensector ter hand worden genomen. Teylingen start met twee projecten Op dit moment zijn nog geen grotere clusterlocaties voor de zogenaamde greenportwoningen beschikbaar of in studie. Wel wordt vanuit de Greenport gekeken naar de locatie Trappenberg/Kloosterschuur (Katwijk/Teylingen), mogelijk Delfweg (Noordwijkerhout) en Vinkeveldpolder/Herenweg (Noordwijk). Impuls Greenporteconomie Met de opbrengst van de woningen kan de GOM bedrijven in de bollensector stimuleren om hun activiteiten in de streek te continueren en daarbij een impuls te geven aan de Greenporteconomie. Wij geven hiermee aan dat wij de Greenport ontwikkeling belangrijk vinden. (bron: persbericht gemeente Teylingen).
|
 |
 |
|
 |
 |
 |
 |
VNG/IPO: samenwerken bij aanpak leegstand bedrijventerreinen
Regionale samenwerking en maatwerk is de oplossing voor de aanpak van leegstand van bedrijventerreinen. Een gemeente alleen kan weinig uitrichten en heeft partners in de regio nodig om het beleid af te stemmen. Dit waren de conclusies uit vier visiebijeenkomsten met in totaal circa 40 wethouders en gedeputeerden uit het hele land over de leegstand van bedrijventerreinen. De bijeenkomsten zijn gezamenlijk georganiseerd door de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en Interprovinciaal Overleg (IPO) in Almere, Weert, Dordrecht en Zwolle. De aanwezige wethouders en gedeputeerden erkenden dat het wijzigen en schrappen van plannen de regio veel voordelen biedt, maar een individuele gemeente veel geld kost. Ook hier is een regionale aanpak gewenst. Hart luchten Bespreekpunten waren het huidige niveau van de regionale samenwerking, de betekenis van de decentralisatie van het bedrijventerreinenbeleid en de nieuwe rollen die provincies en gemeenten op dit terrein krijgen. De discussies werden steeds ingeleid door toonaangevende sprekers, zoals: projectontwikkelaar Rudy Stroink en hoogleraar vastgoed- en locatieontwikkeling, Erwin van der Krabben. Met een aantal prikkelende stellingen van de inleiders gingen de bestuurders daarna met elkaar in debat. Bestuurders hadden na afloop van iedere bijeenkomst het gevoel dat ze onderling hun hart konden luchten. Het werd als bijzonder prettig ervaren dat men vrijuit over deze ingewikkelde materie kon praten. Een aantal bestuurders bleek erg gecharmeerd van het idee om regionale grondbedrijven op te richten om gemeenten te helpen de kosten en baten beter te verdelen en regionaal maatwerk te kunnen leveren. Ook de invoering van een vorm van herverkaveling werd als een serieuze mogelijkheid gezien. Door op deze manier met elkaar vrij te praten, kregen de aanwezigen een goed beeld van de diversiteit aan ervaringen in de verschillende regio’s. De bijeenkomsten leverden veel kansen op om te komen tot nieuwe instrumenten en alternatieve verdienmodellen om de herstructurering vorm te geven. (bron: nieuwsbericht Interprovinciaal Overleg, www.ipo.nl).
|
 |
 |
|
 |
 |
 |
 |
Regionaal Overleg Hollands-Utrechtse Plassen ontvangt Groene Hart Kwaliteit Prijs 2011
Op donderdagochtend 17 november 2011 is een groot deel van de bestuurders van gemeenten in en om het Groene Hart bijeengekomen in het historische Fort Wierickerschans bij Bodegraven voor de jaarlijkse Conferentie voor Groene Hartgemeenten, georganiseerd door het Woerdens Beraad. Thema van de bijeenkomst was dit jaar ‘Recreatie en Toerisme in het Groene Hart’. Waarnemend voorzitter van het Woerdens Beraad, Dirk van der Borg, heeft de Groene Hart Kwaliteit Prijs tijdens de conferentie uitgereikt aan het Regionaal Overleg Hollands-Utrechtse Plassen. 9 gemeenten rond de Hollands-Utrechtse Plassen werken samen in het Regionaal Overleg, dat door de voorzitter van het Woerdens Beraad werd geprezen om haar doorzettingskracht en creativiteit om het Groene Hart recreatief op de kaart te zetten. Het Regenboogevenement dat eerder dit jaar heeft plaatsgevonden op de Hollands-Utrechtse Plassen is hiervan een belangrijke uiting. Jan Uit den Boogaard, voorzitter van het regionaal overleg en wethouder van Kaag en Braassem, heeft de prijs in ontvangst genomen. De aanwezigen bij de conferentie kregen van vertegenwoordigers van de ANWB, het project Merk&Marketing van het programmabureau Groene Hart en de voorzitter van het Regionaal Overleg Hollands-Utrechtse Plassen te horen wat er gaande is op het gebied van recreatie en toerisme, maar vooral ook wat er allemaal nog mogelijk is. Het onderwerp leeft sterk onder gemeenten, zo bleek uit het gesprek met de zaal. Gemeenten spelen met hun ruimtelijke ordeningsbeleid, economisch beleid en communicatie een belangrijke rol in het faciliteren en stimuleren van recreatieve activiteiten, binnen de mogelijkheden die het waardevolle landschap van het Groene Hart biedt. Voor de levendigheid van het Groene Hart en de leefbaarheid van de Randstad is een goed bereikbaar recreatief aanbod van groot belang. Het Woerdens Beraad is een bestuurlijke doe-club van, voor en door regio’s en gemeenten in het Groene Hart en richt zich met name op de praktische uitvoerbaarheid van het ruimtelijke kwaliteitsbeleid van het Groene Hart. (bron: persbericht Woerdens Beraad). Meer informatie.
|
 |
 |
|
 |
 |
|
|
 |
 |
 |
 |
Zwarte Tulpprijs 2011 voor bollenschuur in Katwijk aan de Rijn
De negende Zwarte Tulp Prijs is op 17 november jl. uitgereikt aan Jos van der Valk, eigenaar van de voormalige bollenschuur aan de Rijnstraat 25A in Katwijk aan de Rijn. De Werkgroep Behoud en Herbestemming Bollenerfgoed van het CultuurHistorisch Genootschap Duin- en Bollenstreek heeft de Zwarte Tulp Prijs 2011 toegekend aan Jos van der Valk omdat hij de schuur op zorgvuldige wijze heeft gerenoveerd en een nieuwe functie heeft gegeven. Deze bollenschuur is in 1902 gebouwd voor de kwekerij van Martinus van der Valk, die bloembollen teelde op de Zanderij van Katwijk. Het pand aan de Rijn was vier generaties in gebruik voor het bollenbedrijf en hoveniersbedrijf Van der Valk. In 2008 is de schuur, na een grondige renovatie, in gebruik genomen als woning door Jos van der Valk. Op die manier heeft de bollenschuur een nieuwe bestemming gekregen en is behoud voor de toekomst gewaarborgd. Oorkonde en plaquette Tijdens een gezellige bijeenkomst in de bollenschuur overhandigde de Katwijkse wethouder Daan Binnendijk de eigenaar de speciale plaquette met de tekst ‘Monumentale bollenschuur’. Dit schildje krijgt een plek op de gevel. De bollenschuur is weliswaar geen gemeentelijk monument, maar staat sinds 2010 wel op de lijst van de Regionale Collectie Bollenschuren. Jos van der Valk is blij dat de gemeente Katwijk uiteindelijk akkoord ging met de woonbestemming, zodat de restauratie van start kon gaan. “De bollenschuur aan de Rijn, waar mijn familie vier generaties lang in heeft gewerkt, is hierdoor behouden gebleven en ik voel deze prijs als een erkenning voor het vele werk dat we eraan hebben besteed.” De Werkgroep Bollenerfgoed van het CHG schonk Van der Valk een oorkonde met een foto van het pand gezien vanaf de Rijn. Zij prezen de zorgvuldige wijze waarop het pand gerestaureerd is, met authentieke materialen en behoud van originele details. Herbestemming volop in belangstelling De leden van de Werkgroep Bollenerfgoed wezen erop dat hergebruik van historische panden landelijk volop in de belangstelling staat. “Vanwege de economische recessie komen er steeds meer gebouwen leeg die een nieuwe toekomst moeten hebben. Bij oude bollenschuren is dat al langer het geval, omdat ze voor de bloembollenteelt geen functie meer hebben. Wij zijn daar al 14 jaar mee bezig en waren onze tijd dus vooruit.” De Zwarte Tulp Prijs wordt sinds 2003 jaarlijks toegekend aan eigenaren van bollenschuren in de Bollenstreek, die hun pand op een goede manier hebben behouden of een nieuwe bestemming hebben gegeven. “Door dit soort voorbeelden van herbestemming onder de aandacht te brengen, hopen wij dat het draagvlak voor herbestemming van bollenschuren zowel bij eigenaren als de overheid nog verder wordt vergroot. Op die manier kunnen de bollenschuren die voor onze streek zo’n grote cultuurhistorische waardehebben, behouden blijven voor de toekomst.” (bron: persbericht Werkgroep Behoud en Herbestemming Bollenerfgoed). Alles over de activiteiten van het project Behoud en Herbestemming Bollenschuren is te vinden op www.bollenschuren.nl.
|
 |
 |
|
 |
|
 |