Raads- en collegeleden in de regio
Twitter
You are here: Home Ruimtelijke Agenda Regionaal Investeringsfonds

Regionaal Investeringsfonds

In 2002 hebben de toenmalige SDB en Leidse Regiogemeenten samen met de Provincie Zuid-Holland het Programma van Afspraken ondertekend. Daarin staan veertien afspraken waarmee de belangrijkste ambitites voor de regio zijn vastgelegd. Voor een aantal afspraken geldt dat deze binnen de huidige (financiële) kaders zijn te realiseren of dat de inzet grotendeels geleverd moet worden door marktpartijen, zoals bij de realisatie van woningen en kantoren. Er zijn echter ook afspraken waarvoor grote publieke investeringen nodig zijn die de draagkracht van gemeenten ver overstijgen.

Vijf projecten

In januari 2006 hebben de colleges van Holland Rijnland vastgesteld dat er vijf projecten in het Programma van Afspraken zijn benoemd waarvoor zeer grote investeringen nodig zijn. Het gaat om drie infrastructuurprojecten en twee projecten die de leefbaarheid en de omgevingskwaliteit in de regio verbeteren. Om realisatie van deze projecten dichterbij te brengen heeft het Dagelijks Bestuur een investeringsstrategie uitgedacht.

Het gaat om de volgende projecten:

Het betreft alle projecten waar voor cofinanciering van Provincie en/of Rijk vereist is. De totale investeringslast varieert van € 750 mln. tot maximaal € 4,5 mld. Deze bandbreedte is onder andere het gevolg van het verschil aan kwaliteitseisen die aan de infrastructurele projecten kunnen worden gesteld. In de huidige wetgeving en praktijk is het uitgesloten dat het Rijk of de Provincie hiervoor geld zal reserveren zonder dat er een regionale bijdrage tot stand komt. Vanwege de ambities van de regio qua wonen, economie en milieu & landschap, hebben de gezamenlijke colleges van Holland Rijnland met elkaar geconstateerd dat een totale bijdrage van € 142,5 mln. aan de vijf projecten nodig is in de periode 2008-2022. Deze bijdrage geldt als maximale inspanning van de regio om de projecten te realiseren.

Bijdragen per project

Hieronder is de € 142,5 miljoen opgesplitst naar de afzonderlijke projecten. De middelen zijn geoormerkt, waardoor deze ook echt ten goede komen aan het desbetreffende project.

Bijdrage per project

 As Leiden Katwijk 

  •  Rijnlandroute

€ 37,5 mln.

  •  Rijn-Gouwelijn (West)

€ 37,5 mln.

 Greenport

  • Noordelijke verbinding tussen de N206 en de A44 of A4

€ 37,5 mln. 

  • Offensief van Teylingen

€ 10,0 mln.

  • Milieu en Landschap (incl. Groene Hart)

€ 20,0 mln.

 

 

Bijdrage regio

€ 142,5 mln.

 

Uitgangspunten overeenkomst

De uitgangspunten van de overeenkomst zijn:

  • het fonds is alleen bedoeld voor de hierboven genoemde maatregelen;
  • het betreft een pakket van maatregelen waarvan de effecten in de gehele regio merkbaar en voelbaar zullen zijn;
  • het principe van regionale solidariteit is leidend bij de verdeling van de lasten over de gemeenten;
  • de draagkracht van gemeenten staat onder druk. Elk college deelt de mening dat op basis van solidariteit elke gemeente de plicht heeft om in de periode 2008-2022 de gevraagde bijdrage te realiseren;
  • de verdeelsystematiek is gebaseerd op het aantal inwoners, het aantal nieuw te bouwen woningen en de te realiseren vierkante meters kantooroppervlak per gemeenten;
  • woningen en kantoren die in het kader van de W4 en/of de Rijn-Gouwelijn Oost worden aangeslagen, worden niet dubbel belast;
  • de bijdrage per gemeente komt tot stand door een jaarlijkse storting in het fonds, met ingang van 2008 en doorlopend tot 2022;
  • de bijdrage is gebaseerd op prijspeil 2007 en wordt niet geïndexeerd;
  • om de instelling van het fonds formeel mogelijk te maken is de gemeenschappelijke regeling Holland Rijnland gewijzigd;
  • er geldt een maximale bijdrage per project. Deze is totstandgekomen op basis van ervaringscijfers. Zo is de maximale bijdrage aan de infrastructuurprojecten vastgesteld op € 37,5 mln. per project, hetgeen een derde is van de bijdrage die de Provincie/regio moeten bijdragen aan soortgelijke projecten op grond van de financiële systematiek van het Rijk (de systematiek gekoppeld aan de zogenaamde Brede Doel Uitkering of BDU);
  • als een project onverhoopt niet gerealiseerd wordt zodat de regionale bijdrage vervalt, dan worden de middelen teruggestort naar de gemeenten;
  • niet iedere maatregel zal in hetzelfde tempo gerealiseerd worden. Zowel in de uitwerking van de individuele projecten als in de afspraken met Provincie en Rijk zullen deze tempoverschillen tot uiting komen. Voor de regio blijft de pakketgedachte het uitgangspunt, maar het is onwaarschijnlijk dat de afspraken met Provincie en Rijk in één keer over het hele pakket zullen gaan;
  • bij de uitwerking van de infrastructuurprojecten streeft de regio naar een hoogwaardige inpassing in de omgeving;
  • in 2012 wordt de werking van het fonds geëvalueerd.

Verdeelsystematiek

Op basis van deze uitgangspunten is een verdeelsystematiek ontworpen. Deze kent drie onderdelen, te weten het aantal nieuw te bouwen woningen, het aantal te realiseren vierkante meters kantooroppervlak en het aantal inwoners per gemeente. Hierbij zijn de volgende peildata en aantallen gebruikt:

  • Inwoners: het aantal inwoners per 1 januari 2005. De bijdrage per inwoner bedraagt € 245,- voor de gehele periode.
  • Nieuwbouwwoningen: het aantal nieuw te bouwen woningen zoals opgegeven door de gemeenten op 5 september 2006. Deze aantallen zijn bestuurlijk vastgelegd in de Woonvisie van de regio, die het Algemeen Bestuur op 20 december 2006 heeft vastgesteld. Op deze cijfers is een correctie toegepast. Dat was nodig omdat een deel van de afspraken over woningbouw in de regio reeds is gerealiseerd; omdat de periode waarop het fonds van toepassing is (2008-2022), afwijkt van de periode(s) waarvoor woningbouwafspraken zijn gemaakt (2005-2010 en 2011-2020) en omdat de opgaven van de gemeenten een zekere mate van overplanning kennen. Daarnaast zijn de woningen die reeds belast worden voor de projecten W4 en RGL-Oost niet meegenomen in de verdeelsleutel. In de bijlagen bij de overeenkomst is een notitie opgenomen waarin precies is beschreven hoe deze correctie is toegepast. Per woning is een bijdrage van € 2000,- vastgesteld voor de gehele periode.
  • Kantoren: de vierkante meters kantoren die in de kantorenstrategie door het Algemeen Bestuur van 15 februari 2006 zijn vastgesteld. Vierkante meters kantoor die reeds belast worden voor de projecten W4 en RGL-Oost zijn niet meegenomen in de verdeelsleutel. Per vierkante meter kantooroppervlak is een bijdrage van € 50,- voor de gehele periode gerekend.

Financiële aspecten

Op basis van de verdeelsystematiek is hieronder een berekening weergegeven van de totale kosten en de kosten per jaar per regiogemeente. De looptijd van het investeringsfonds is van 2008-2022.

 Gemeenten

Bijdrage totaal 

Bijdrage per jaar 

 Alkemade

 5.532.974

 368.865

 Hillegom

 6.451.900

 430.127

 Katwijk

 26.465.062

 1.764.337

 Leiden

 46.149.773

 3.076.652

 Leiderdorp

 8.565.333

 571.022

 Lisse

 6.143.504

 409.567

 Noordwijk

 8.780.227

 585.348

 Noordwijkerhout

 5.679.877

 378.658

 Oegstgeest

 6.013.198

 400.880

 Teylingen

 10.978.572

 731.905

 Voorschoten

 8.586.303

 572.420

 Zoeterwoude

 2.468.255

164.550

 Subtotaal

141.814.978

9.454.332

 Rentecorrectie

685.022

45.668

 Totaal

 142.500.000

 9.500.000

De bijdrage is verschuldigd met ingang van het jaar 2008.

Raadsbesluiten van de individuele gemeenten.

2e tranche RIF t.b.v. RijnlandRoute

Eind 2010 is aan de gemeenteraden van de RIF-gemeenten de vraag voorgelegd of men bereid is om naast de 1e tranche van 37,5 mln. euro nog een 2e trache van 37,5 mln. euro toe te voegen, waarmee de regionale bijdrage voor deze weg op 75 mln. euro komt.

Meer informatie over de 2e tranche.